Welkom bij Dierenkliniek Den Ham!

Nakomelingenonderzoek

Het belang van het nakomelingenonderzoek

Het nakomelingenonderzoek maakt onderdeel uit van de selectie tegen osteochondrose.nakomelingenonderzoek
Osteochondrose is een aandoening in de gewrichten die een paard pijn kan bezorgen. Het bestrijden ervan is nog niet zo eenvoudig omdat het een dynamisch proces is dat optreedt in de groeifase van het veulen en afhankelijk is van erfelijke en omgevingsfactoren. Het KWPN heeft ervoor gekozen het erfelijke aspect te bestrijden. Op de gewrichten van een paard dat weinig of geen erfelijke aanleg heeft om OC te ontwikkelen, hebben ongunstige omgevingsfactoren namelijk weinig of geen vat. Voorbeelden van ongunstige factoren zijn een koolhydraatrijk rantsoen en weinig beweging.

Osteochondrose
De schade die osteochondrose in de gewrichten berokkent is aanzienlijk. Schattingen spreken van 25% van de warmbloedpaardenpopulatie die kampt met OC, waarbij sommige onderzoekers denken dat dit percentage wel eens hoger zou kunnen liggen. Naast het feit dat een paard met OC in de handel minder oplevert, de kosten voor operaties hoog zijn en de schade voor de sector hierdoor jaarlijks in de miljoenen loopt, zijn er nog andere kanten aan het verhaal. De teleurstelling voor een fokker of eigenaar als bij zijn veelbelovende jonge paard OC wordt geconstateerd is niet in geld uit te drukken. Ook in het kader van welzijn moet het KWPN als stamboek haar verantwoordelijkheid nemen. Paarden met OC hebben een grotere kans om uit te vallen door kreupelheid en belanden vaak op de operatietafel. Het verlies van genetisch interessante fokdieren kan worden verminderd als de frequentie van het voorkomen van OC wordt teruggedrongen. Allemaal redenen om de selectie tegen OC efficiënter te laten verlopen. Daarnaast staan KWPN-paarden wereldwijd bekend als gezonde, duurzame paarden. Met innovatieve onderzoeken wil het KWPN deze gezondheid uitbouwen en versterken.

Selectie tegen OC
De selectie tegen OC is al gestart in 1987. Vanaf dat moment is het voor goedgekeurde hengsten vereist dat ze OC-negatief zijn. Eerst werd alleen gecontroleerd op OC in het spronggewricht, vanaf 1993 ook in de achterknie. De huidige manier van selectie is goed en heeft zeker ook zijn effect. Feit is immers dat OC erfelijk is en als dan consequent hengsten die positief zijn uitgesloten worden voor de fokkerij, dan kan het niet anders of het leidt tot een verbeterde OC-situatie van de paarden.

De röntgenfoto’s van de hengst zelf zijn dus waardevol, maar zijn werkelijke genetische aanleg voor OC komt er niet betrouwbaar genoeg mee in beeld. Het gegeven dat een hengst zelf al dan niet een lichte mate van OC laat zien, is heel belangrijke informatie, maar zegt niet alles over zijn erfelijke aanleg. Vergelijk het maar met de sport: het is heel waardevol om te weten dat een hengst zelf goed presteert in de sport, maar we weten daarmee niet automatisch of hij ook goed fokt en kinderen geeft die ook goed presteren. En zoals het bij sportkenmerken gaat, zo geldt ook voor OC dat de nakomelingen de erfelijke aanleg van een hengst betrouwbaar in beeld brengen. Die betrouwbaarheid is vele malen groter dan het röntgenbeeld van alleen de hengst zelf.

Populatiescan
In 2005 en 2006 is een ‘populatiescan’ uitgevoerd waarvoor 800 jaarlingen van 32 verschillende vaders zijn geröntgend. Uit dit onderzoek bleek dat het voorkomen van OC voor 25% afhankelijk is van erfelijke componenten en voor 75% van milieufactoren als voeding, beweging en groeisnelheid. Deze erfelijkheidsgraad is in vergelijking met andere kenmerken waarop binnen het KWPN geselecteerd wordt goed te gebruiken. Uit de populatiescan bleek er ook een groot verschil in vererving van OC tussen hengsten te zijn. Zo hadden de nakomelingen van de ‘beste’ hengst op 58% van de beoordeelde plaatsen een score A, tegenover 9% bij de slechtst scorende hengst. Een wezenlijk verschil dat nog een onderstreept hoe belangrijk het is de erfelijke aanleg van een hengst in kaart te brengen.

Nakomelingenonderzoek
In 2009 is het nakomelingenonderzoek van start gegaan met het standaard röntgenen van de eerste jaarlingen van een hengst na goedkeuring. Gestart werd met de nakomelingen van hengsten die in het voorjaar van 2007 zijn goedgekeurd en dus hun eerste veulens in 2008 kregen. Doel van het nakomelingenonderzoek is om uiteindelijk in te kunnen schatten in welke vorm een hengst bijdraagt aan het voorkomen van OC in een populatie. Dit alles draagt bij aan de gezondheid en het welzijn van de nieuwe generatie en daarmee aan de toekomstige fokpopulatie.

 

bron: www.kwpn.nl