Welkom bij Dierenkliniek Den Ham!

Vaccinatie en ontwormingen

Het enten van een paard begint op de leeftijd van 6 maanden en 7 maanden en daarna moet uw paard minimaal 1 keer per jaar geënt worden.

U kunt uw paard enten tegen:

  • Influenza en tetanus
  • Rhinopneumonie
  • Droes
  • WNV

Influenza

Influenza bij het paard (paardengriep) wordt veroorzaakt door het equine influenzavirus en is een zeer besmettelijke ziekte die bij paarden en pony’s over de gehele wereld voorkomt. Influenza bij paarden manifesteert zich met hoge koorts en acute respiratoire problemen. Doordat influenza een voorbereidende rol kan spelen bij het aanslaan van diverse andere ziekteverwekkers, kan de ziekte leiden tot chronische luchtwegproblemen. Dit kan weer een sterk negatief effect hebben op de toekomstige prestaties van het paard.

Rhinopneumonie
Rhinopneumonie wordt veroorzaakt equine herpesvirussen. Deze virussen veroorzaken serieuze schade aan het ademhalingsstelsel, verlammingen aan de achterhand en zelfs abortus bij drachtige merries. Paarden met rhinopneumonie kunnen zeer veel virus uitscheiden waardoor een infectie snel om zich heen kan slaan en andere paarden geïnfecteerd raken.

Vaccinatie tegen rhinopneumonie
Het vaccin Equilis Resequin beschermt paarden tegen rhinopneumonie en influenza. Vaccinatie tegen rhinopneumonie is niet verplicht maar wel raadzaam.

Equilis Resequin:

  • Geeft een brede bescherming aan het paard: tegen rhinopneumonie en influenza.
  • Brede bescherming tegen luchtwegaandoeningen.
  • Veilig voor drachtige merries.
  • Vaccinatie is preventief verplicht in de betere fokkerijen en stoeterijen.

Droes
Droes is een besmettelijke ziekte die wordt veroorzaakt door de bacterie Streptococcus equi. Droes kan voorkomen bij paarden, pony’s, ezels en muildieren van elke leeftijd en elk ras.

Het meeste risico lopen:

  • Paarden jonger dan vijf jaar, in het bijzonder veulens en jaarlingen.
  • Paarden die worden gehouden in grote aantallen en in aanraking komen met andere paarden.
  • Paarden die veel op concoursen en shows komen.

Droes is pijnlijk, moeilijk te behandelen en kan voorkomen bij paarden die er, op het eerste gezicht, volkomen gezond uitzien (circa 10% van de paarden die herstellen, blijft drager). Daarom is het noodzakelijk contact met andere paarden zoveel mogelijk te vermijden.
Binnen een stal of erf kan droes zich snel verspreiden door direct contact tussen paarden of door indirect contact, bijvoorbeeld door gezamenlijke drink- en voederbakken of via zadels en tuig.

Vormen van droes
Keeldroes:dit is de meest voorkomende vorm en is een etterige ontsteking van de keel en de keellymfeklieren aan het hoofd.
Kooierdroes: als alleen de lymfeklieren tussen de kaaktakken ontstoken raken.
Verslagen droes: dit is de meest ernstige vorm: hierbij ontstaan abcessen in organen of in de lymfeklieren van de borst- of buikholte van het paard. Wanneer een dier niet herstelt na het doorbreken van de lymfeklieren bij keeldroes, de koorts aanhoudt en de conditie achteruit gaat, kan de dierenarts vaststellen of er sprake is van verslagen droes. Het verloop van keel- en kooierdroes is meestal goedaardig.

Wanneer een veulen droes heeft, kan bij de merrie een melkklier-ontsteking (mastitis) veroorzaken, waarbij abcessen in het uier kunnen ontstaan.
Droes wordt gekenmerkt door:

  • Een verhoogde temperatuur.
  • Afscheiding van slijm uit de neusgaten.
  • Hoesten.
  • Lymfknoopabcessen.
  • Benauwdheid.

Soms zijn de klinische verschijnselen zo duidelijk dat de dierenarts gemakkelijk de diagnose kan stellen. Dit is echter niet altijd het geval en soms moeten er neusswabs genomen worden voor verder onderzoek. Hierbij dient te worden opgemerkt dat de diagnose van een dierenarts altijd noodzakelijk is, aangezien een paard dat een aantal van de bovengenoemde symptomen vertoont ook een andere aandoening kan hebben.

Indien de diagnose tijdig wordt gesteld kan droes worden behandeld met antibiotica. Indien de diagnose echter plaatsvindt nadat zich abcessen hebben gevormd, moet de dierenarts deze soms opensnijden om pus te verwijderen. De meeste paarden herstellen volledig, terwijl 1% van de gevallen dodelijk blijkt te zijn.
Tot 10% van de paarden kan “verslagen droes” krijgen, dat wordt gekenmerkt door abcessen in het gehele lichaam. Paarden met verslagen droes herstellen zelden volledig.

Quarantaine: Als het eerste geval van droes wordt geconstateerd, lopen alle andere paarden in de stal een groot risico.

  • Het besmette paard moet van de andere paarden worden geïsoleerd.
  • Er mogen geen nieuwe paarden in de stal worden toegelaten.
  • Alle andere paarden in de stal moeten nauwkeurig in de gaten worden gehouden om nieuwe gevallen
    van droes zo snel mogelijk vast te stellen.
  • Personen die regelmatig in contact komen met paarden buiten de stal moeten zoveel mogelijk
    wegblijven van de besmette stal.

In de praktijk betekent dit dat de stal min of meer gesloten wordt. Helaas kan deze situatie wel maanden duren.

Preventie:
Verscheidene maatregelen kunnen worden genomen om droes zoveel mogelijk te beperken:

  • Probeer contact met andere paarden zoveel mogelijk te vermijden.
  • Zorg dat de stal niet overvol wordt.
  • Houd nieuwe paarden eerst enkele weken in quarantaine.
  • Een vaccin om droes te voorkomen is nu beschikbaar: Equilis StrepE.

Enten tegen droes
Uw paard kan ook tegen droes ingeënt worden. Veulens kunnen vanaf een leeftijd van 4 maanden voor de eerste keer tegen droes geënt worden, de 2e enting vindt dan 4 weken later plaats, na de 2e enting, moeten de dieren om de 6 maanden tegen droes geënt worden. Voor een dier wat al volwassen is geldt eigenlijk hetzelfde de 2e enting volgt 4 weken na de eerste enting. Na de 2e enting moet het paard iedere 6 maanden geënt worden om beschermd te blijven tegen droes.
Het vaccin wordt toegediend door injectie van een kleine dosis in de bovenlip. Na de vaccinatie ontstaat een kleine puist aan de binnenkant van de lip. Dit is normaal. De puist verdwijnt binnen enkele dagen.
Bij sommige paarden kan een zwelling van de bovenlip en mond ontstaan. In het algemeen is deze niet pijnlijk en zal de eetlust en het gedrag niet worden beïnvloed. Sommige paarden kunnen een paar dagen het bit niet goed verdragen. Bij volgende vaccinaties zal de zwellingreactie minder zijn.

Basisvaccinatie:
twee vaccinaties met een interval van vier weken Paarden met een hoog risico: herhalingsvaccinatie om de drie maanden Paarden met een gemiddeld risico: herhalingsvaccinatie om de zes maanden.

Graag geven wij u persoonlijk advies.



Ontworming

Eén van de grootste fouten van vele paardeneigenaren is het bezuinigen op wormpasta’s. Worminfecties vormen één van de grootste bedreigingen voor de gezondheid en weerstand van uw paard. Nogal eens zijn worminfecties de oorzaak van koliek, diarree, luchtwegproblemen of ernstige verstoringen in de stofwisseling. Bepaalde wormsoorten doorboren de darmwand, andere tasten het bloedvatenstelsel aan en weer andere beschadigen de longen of de lever. Besmetting met wormen vindt plaats via de mest. De uitzonderingen hierop vormen de horzellarf (besmetting hiermee vindt plaats middels de horzelvlieg) en de lintworm.

Microscopisch beeld van een eitje van de spoelworm.
Ingekapselde wormen: Eén van de grootste bedreigingen voor de gezondheid van uw paard vormen de larven van de kleine strongylide. Deze kruipen in de slijmlaag van de darmwand en kunnen daar lang blijven “slapen”. Als ze massaal wakker worden (vaak in de winter of het vroege voorjaar) kunnen ze plotselinge diaree of koliek veroorzaken met soms fatale gevolgen. Als u uw paard(en) regelmatig ontwormt, de tijdsinterval aanhoudt die wordt voorgeschreven en het weiland schoonhoudt, is de kans op de massale aanwezigheid van deze ingekapselde larven overigens uiterst gering. Pasta’s met moxidectine zijn werkzaam tegen de ingekapselde larf van de kleine strongylide.

Waarom is herhaling zo belangrijk?
Een wormpasta dood op het moment van toedienen de wormen en larven die met de werkzame stof bestreden worden. Afhankelijk van de werkzaamheid wordt de ene worm- of larfsoort wel gedood maar andere niet. Ook verschilt per werkzame stof in welke stadium de larf wordt aangepakt. Dat is dan ook de reden waarom u het ontwormen met de ene werkzame stof om de 6 weken dient te herhalen en met de andere iedere 8 of 12 weken. Een middel dat de jongste stadia van de larf doodt biedt langer bescherming dan een middel dat bepaalde larven niet bereikt. De eitjes en larven die niet door de pasta bestreden worden ontwikkelen zich gewoon verder tot volwassen worm, leggen eitjes en de cirkel is weer rond. Omdat een wormpasta (dat geldt voor alle soorten) maar kort werkt; na een paar dagen zullen nieuw opgenomen larven weer gewoon aan hun trektocht door het lichaam beginnen. Hoe vaak u moet ontwormen hangt dus af van de werkzame stof van de wormpasta die u gebruikt. In Nederland zijn de volgende werkzame stoffen geregistreerd pyrantel, ivermectine, febendazol en moxidectine.

Goed ontwormen
De kunst van het goed ontwormen is het laag houden van de eiproductie waardoor de besmettingsgraad van het weiland laag blijft en het risico op een wormbesmetting wordt verkleind. Ontwormen werkt alleen als u regelmatig ontwormt; zomaar een keer een ontwormpasta toedienen heeft geen enkele zin. Behandel altijd alle paarden tegelijk en houdt tussen de behandelingen het interval aan dat voor de werkzame stof wordt geadviseerd. Geef nieuwe paarden voordat ze de wei op gaan eerst een wormpasta en houd ze 2 dagen apart op stal. Ontworm de merrie en het veulen met ivermectine; de merrie rond het veulenen, het veulen op de leeftijd van 2 weken oud en vervolgens beiden om de 6 a 8 weken afhankelijk van de wormkuur. Gebruik voor alle paarden in het late najaar (eind november/begin december) een pasta op basis van ivermectine of moxidectine voor de bestrijding van de horzellarf. Als u meer wilt weten over de effectiviteit van uw ontwormschema, laat dan één à tweemaal een mestonderzoek doen en overleg aan de hand hiervan met uw dierenarts uw ontwormschema.

Juiste dosering
Uit recent onderzoek, uitgevoerd in de zomer van 2004 in opdracht van Virbac en PAVO, blijkt dat 40% van de volwassen warmbloedpaarden (van 3 jaar en ouder) een lichaamsgewicht hebben tussen de 600 en 700 kg. De meeste ontwormmiddelen voor paarden hebben een dosering voldoende voor de ontworming van 600 kg lichaamsgewicht. Veel volwassen paarden worden dus structureel ondergedoseerd.

Onderdoseren heeft 2 grote risico´s:
1. Het paard wordt niet effectief ontwormd omdat niet alle parasieten worden blootgesteld aan een voldoende hoge dosering.
2. Onderdoseren is de belangrijkste oorzaak van het ontstaan van resistentie van parasieten tegen anthelmintica (middelen tegen worminfecties).

Voor een effectieve ontworming van het paard is een goede dosering dus van groot belang. De dosering van ontwormmiddelen is afhankelijk van het lichaamsgewicht. Daarom zijn er nu spuiten voor 700 of 800 kg lichaamsgewicht. Bij gebruik van deze doseerspuiten wordt voor veruit de meeste paarden het risico van onderdoseren en resistentieontwikkeling daarmee uitgesloten.

Afwisselen van de werkzame stof
Hoewel ook hierover de meningen verdeeld zijn, zijn de meeste geleerden het er wel over eens dat het per jaar wisselen van de werkzame stof de beste maatregel is om resistentie te voorkomen. Gebruik dus niet bij elke behandeling een andere spuit, maar beperk u tot één werkzame stof gedurende één jaar. Als u een jaar lang ontwormt met pyrantel of fenbendazol dan moet u wel in het late najaar minimaal eenmaal met een pasta op basis van ivermectine ontwormen. Dat is dus de uitzondering op de regel

Resistentie
Resistentie tegen een bepaalde stof betekent dat wormen en larven niet meer dood gaan van deze stof en ontwormen hiermee dus geen effect meer heeft. De meningen over het wel of niet bestaan van resistentie tegen bepaalde werkzame stoffen in wormpasta’s zijn zeer verdeeld. Er zijn zelfs wetenschappers die beweren dat er een resistentie bestaat tegen alle werkzame stoffen en dat geen enkele stof voldoende meer bestrijdt. Uit wetenschappelijk onderzoek van ca. 10-15 jaar geleden blijkt dat er toen een beperkte mate van resistentie voor Fenbendazol was. Ook over Pyrantel zijn onderzoeksresultaten die resistentie aantoonden. Daarentegen stond onlangs in een artikel: “Pyrantel mag echter niet uit het ontwormingsschema worden geschrapt, omdat het vermoedelijk beter tegen spoelwormen helpt dan Ivermectine of Moxidectine”. Dit artikel was geschreven door een dierenarts. De aangetoonde resistentie beperkt zich tot één van de voorkomende wormsoorten: de Cythostominae (kleine stronglyden). De larven van deze wormsoort worden schadelijk in het tweede deel van de winter. Wij adviseren om in het najaar tweemaal te ontwormen met een Ivermectine pasta, waardoor de Cythostominae bestreden worden. Natuurlijk kunt u ook het hele jaar ontwormen met bijvoorbeeld Ivermectine, maar wilt u voordelig en effectief ontwormen, dan is de combinatie Fenbendazol of Pyrantel met Ivermectine zeker een goede keuze. Alle wormpasta’s die op de markt zijn, zijn geregistreerd door het Bureau Diergeneesmiddelen. Als een stof niet effectief is, wordt het niet op de Nederlandse markt toegelaten. Resistentie kan erg lokaal zijn omdat resistentie onder ander ontstaat door té onregelmatig ontwormen, niet alle dieren tegelijk ontwormen of het onderdoseren van de wormpasta. Als er op een manege jaren achter elkaar met ivermectine ontwormd wordt in een te lage dosering kan er op die manege een resistentie tegen ivermectine ontstaan, terwijl deze elders niet is. Als er bij uw paard of bij u op stal resistentie is tegen een bepaalde stof, dan is het raadzaam om met een andere werkzame stof te ontwormen. De meningen over de meest effectieve wormpasta en het meest effectieve ontwormschema zijn altijd al verdeeld geweest en zullen dit ook altijd blijven. Ons advies is om in het najaar op basis van ivermectine of moxidectie te ontwormen en in het voorjaar een andere werkzamestof te gebruiken.

Gevarieerd aanbod
De markt voor wormpasta’s is erg in beweging waardoor er regelmatig nieuwe merken bijkomen en andere weer verdwijnen. Alle wormpasta’s die in Nederland worden aangeboden zijn geregistreerd en voldoen aan de wettelijke eisen ten aanzien van veiligheid en werkzaamheid. De pasta’s worden geproduceerd volgens strenge normen en zijn gegarandeerd van goede kwaliteit. U hoeft met een nieuw merk dus absoluut niet bang te zijn voor een mindere werkzaamheid. Wel kan het zijn dat de pasta anders van kleur, smaak of dikte is en in een ander soort injector zit. Graag geven wij u persoonlijk advies over de juiste wormkuur voor uw paard.